|
De cursist kan zich vlot en accuraat mondeling en schriftelijk
uitdrukken in communicatiesituaties zowel in de beroepscontext
als in alledaagse situaties. De cursist communiceert effectief
en efficiënt in de zakelijke vreemde taal zowel
schriftelijk/receptief als mondeling/productief.
Bij tweegesprekken en vergaderingen kan hij zich luistervaardig
maar ook assertief opstellen. Doordat hij kan notuleren en
rapporteren, draagt hij ten slotte bij tot efficiënt
werkoverleg en continuïteit in het beleid van de organisatie.
Hij kan vlot en efficiënt een complexer(e) zakelijke brief,
memorandum, e-mailbericht of fax opstellen in overeenstemming
met de gangbare normen. De cursist kan efficiënt teksten
lezen en schrijven, tweegesprekken en groepsgesprekken
voeren en diverse bronnen en hulpmiddelen gebruiken voor
communicatieve doelen.
|